Blog 22 mei 2026

Intelligentie als grondstof

Nicolette Kalsbeek

Over AI, arbeidsmarkt en de vaardigheden die er morgen écht toe doen

“Word vooral geen radioloog.” Het was het advies dat AI-pionier en Nobelprijswinnaar Geoffrey Hinton in 2016 aan geneeskundestudenten meegaf. Computers zouden hun werk binnen enkele jaren overnemen. Tien jaar later blijkt er wereldwijd een tekort aan radiologen, stijgen hun salarissen en neemt het aantal opleidingsplaatsen toe. Robbert Dijkgraaf beschreef dit fenomeen onlangs treffend in zijn NRC-column: digitalisering maakte medische beeldvorming sneller en goedkoper, waardoor de vraag naar analyses explodeerde. De radioloog bleek geen doodlopende carrière, maar een tekortberoep.

Dit patroon, waarbij efficiëntie niet tot minder maar tot juist meer gebruik leidt heeft een naam: de paradox van Jevons. In 1865 beschreef de Engelse econoom William Stanley Jevons hoe de verbeterde stoommachine leidde tot een enorme toename van het kolenverbruik, niet tot een afname. Intelligentie wordt met AI een grondstof: breed beschikbaar, goedkoop en daardoor overal ingezet. De vraag is niet óf dat het juridische beroep raakt. De vraag is hoe.

Meer werk, niet minder

In de praktijk zien wij iets wat niet altijd in de verwachtingen past. Advocatenkantoren die investeren in AI merken dat dit niet automatisch tot minder mensen leidt. Een cliënt die zelf een conceptbrief of overeenkomst opstelt met behulp van AI, bespaart misschien op het eerste uur van een advocaat, maar levert ook een document aan dat vervolgens het nodige herstelwerk vereist. De menselijke beoordeling is nog altijd onmisbaar. De advocaat blijft een noodzakelijke gesprekspartner.

Tegelijkertijd opent AI ook een andere mogelijkheid: schaalvergroting. Kantoren die AI effectief inzetten kunnen sneller adviseren, meer dossiers aannemen en cliënten bereiken die eerder de drempel te hoog vonden. De juridische dienstverlening wordt toegankelijker. Dat is precies de dynamiek die Dijkgraaf beschrijft: zodra iets goedkoper en sneller wordt, neemt de vraag ernaartoe. Voor het recht geldt dat evenzeer.

Starters op een smallere arbeidsmarkt

Dat brengt mij bij een ander signaal dat niet te negeren valt. Het Financieele Dagblad berichtte onlangs dat het vooral voor jonge, beginnende advocaten lastiger wordt om een baan te vinden in de advocatuur. De instroom versmalt, terwijl de vraag naar ervaren professionals onverminderd hoog blijft.

Een van de verklaringen is de toenemende inzet van AI voor werk dat vooral door advocaat stagiaires wordt gedaan: onderzoek, basisdrafts, routinematige analyses. Dat betekent niet dat beginnende advocaten overbodig worden, maar dat hun toegevoegde waarde anders gedefinieerd moet worden. Wie uitsluitend doet wat AI ook kan, heeft een probleem. Wie ‘tech savvey’ is en iets biedt wat AI niet kan, heeft juist een voorsprong.

De vaardigheden die er wél toe doen

Het FD-artikel stipt het aan: nevenactiviteiten onderscheiden starters meer dan ooit. Relevante werkervaring, bestuursfuncties, of zelfs ogenschijnlijk eenvoudige ervaring in een commerciële omgeving waar bijvoorbeeld structureel gebeld en gecommuniceerd wordt. Dat klinkt misschien niet als een bijzondere kwalificatie, maar in een tijd waarin de nieuwe generatie primair communiceert via tekst berichten en e-mail, is iemand die de telefoon ‘durft’ te pakken en het gesprek aangaat een uitzondering die opvalt en een welkome toevoeging aan het cv.

En dat raakt iets breder. Wat AI niet kan en vermoedelijk ook niet gaat kunnen, in de betekenis die er in de juridische context toe doet is verantwoordelijkheid dragen. Op het moment dat een beslissing genomen moet worden, een cliënt moet worden gerustgesteld, in een conflict moet worden bemiddeld: dan is er een mens nodig die aanwezig is, die aanvoelt en reageert. Emotionele intelligentie, communicatieve vaardigheden, het vermogen om snel te schakelen in menselijk contact dat zijn de competenties die in waarde stijgen naarmate AI meer van het repetitieve werk overneemt.

De ideale combinatie

Kasparov verloor van schaakcomputer Deep Blue. Maar de sterkste schaakspelers zijn sindsdien niet de computers; het zijn mens-machinecombinaties. Dat inzicht geldt ook voor het recht. AI als instrument, de jurist als degene die het toepast, beoordeelt en verantwoordt. Intelligentie wordt de grondstof, zoals Dijkgraaf schrijft. In de toepassing ervan wordt het verschil gemaakt.

Voor beginnende advocaten en juristen betekent dit: investeer niet alleen in juridische kennis, maar in de vaardigheden die onderscheiden van wat een algoritme levert. Bouw aan een professioneel profiel buiten de collegebanken.

Meer nieuws

13 mei 2026

Onboarding van partners begint vóór de handtekening
Lees meer over