10 april 2026
Heb je een vraag? Bel ons: +31 70 361 70 09
“Juristen kiezen niet langer alleen een kantoor op basis van salaris of inhoud van het werk“, zegt Tobias Veldkamp, senior consultant bij DRB. “Ze kijken steeds vaker naar wat een werkgever doet met AI. En wat dat voor hun eigen ontwikkeling betekent.”
Die verschuiving is merkbaar in de dagelijkse praktijk van juridische recruitment. Kandidaten die ontevreden zijn over hun huidige werkgever noemen niet alleen werkdruk of doorgroeimogelijkheden als reden. Vaker klinkt nu een nieuw bezwaar: hun kantoor investeert onvoldoende in AI en in de vaardigheden die daarbij horen. Dat signaal laat zich niet negeren — van kantoren én van juristen zelf.
De achtergrond van deze beweging is niet moeilijk te begrijpen. De meeste advocaten en juristen zien heel goed in dat AI hun werk niet overneemt, maar wel ingrijpend verandert. Eerder onderzoek laat al zien hoe het competentieprofiel van de bedrijfsjurist verschuift: technologische vaardigheid wordt een volwaardige kerncompetentie, naast inhoudelijke expertise en soft skills.
Maar er is ook een andere kant van datzelfde verhaal. Want terwijl werkgevers steeds hogere eisen stellen aan de AI-bekwaamheid van kandidaten, stellen kandidaten ook hogere eisen aan werkgevers. “Juristen willen weten of een kantoor hen in staat stelt om mee te veranderen met het vak“, aldus Tobias. “Dat is niet meer dan logisch — wie zijn skillset toekomstbestendig wil houden, heeft daar een werkgever bij nodig die dat faciliteert.”
Dat beeld wordt breed herkend. Uit de meest recente editie van het Wolters Kluwer Future Ready Lawyer Rapport blijkt dat 66% van juridische professionals investeringen in geavanceerde juridische technologieën noemt als een belangrijke factor voor het aantrekken en behouden van bekwame professionals. Technologische ontwikkeling is daarmee geen secundaire arbeidsvoorwaarde meer — het is een primaire.
Voor kantoren die juridisch talent willen aantrekken of behouden, is de boodschap helder. “Goed salaris, interessant werk, ruimte voor ontwikkeling, dat zijn al jaren de standaard“, zegt Tobias. “Maar er is een extra factor bijgekomen. Kantoren moeten nu ook kunnen laten zien dat ze investeren in tijd en mogelijkheden om juristen bekwaam te maken in technologie en AI.”
Wie dat niet kan aantonen, loopt het risico talent te verliezen aan kantoren die dat wél kunnen. Niet omdat juristen per se op zoek zijn naar een andere baan, maar omdat de vraag steeds vaker gesteld wordt en het antwoord zwaar meeweegt.
Dat neemt niet weg dat de jurist zelf ook aan zet is. Een cultuur van voortdurend leren en aanpassingsvermogen is van cruciaal belang en die cultuur begint bij het individu. “Onderaan de streep ben je als legal professional zelf verantwoordelijk voor je eigen ontwikkeling“, benadrukt Tobias. “Maar bij de ene organisatie heb je daar meer ruimte voor dan bij de andere. Dat is een factor die juristen steeds bewuster meewegen en terecht.”
De wedloop om juridisch talent is er altijd geweest. Wie het nieuwe speelveld nog niet kent, loopt al achter.